facebook     twitter2  

 

De paden op, de lanen in
door drs. Harry H.M. Beckers

In het eerste deel van dit artikel besteedden wij aandacht aan het ontstaan van deze vereniging en de spectaculaire groei van het ledenaantal. Dit laatste was niet alleen een gevolg van het enthousiasme voor de wandelsport, maar werd ook bevorderd door het ontbreken van alternatieven voor diegenen die minder interesse hadden in de traditionele sporten zoals voetbal. De wandelsportvereniging groeide uit tot een van de grootste verenigingen van ons dorp. Landelijke bekendheid verkreeg de vereniging als medeorganisator van de toentertijd alom bekende Margratenwandeltocht. Na jaren van vele sportieve successen trad het verval langzaam maar zeker in met als onvermijdelijk gevolg het ter ziele gaan. Over succes en einde handelt het tweede deel van onze artikelenreeks over de Keerder verenigingen.

De vereniging nam in de loop van 1968 een geweldige sprong voorruit. Tientallen kinderen en jongeren meldden zich aan. AIle zeilen dienden bijgezet te worden om de ledenaanwas in goede banen te leiden. Een grote zorg was het vinden van voldoende gekwalificeerde leiders en leidsters om de groepen te begeleiden. Het duurde dan ook niet lang of de WSV De Nomaden mocht zich rekenen tot een van de grootste verenigingen in ons dorp. Op het hoogtepunt - eind jaren zestig, begin jaren zeventig - telde de vereniging 110 leden.

Door deze groei werd het gemis voelbaar aan een eigen ruimte waar vergaderd kon worden en de jeugdige leden opgevangen. Vooral in de wintermaanden deed de behoefte aan een eigen verenigingslokaal zich gelden. Er kon dan niet getraind worden en voor de binding onder de leden was een regelmatig samenkomen van belang. Initiatieven voor een dergelijk honk zijn echter niet van de grond gekomen. Ook niet na deelname aan de Carnavalsoptocht van 1971 waarbij, op een ludieke wijze (veer zeuke oonderdaak), aandacht voor het probleem werd gevraagd.
Trainingen, enthousiaste en gedisciplineerde leden en deskundige leiiding brachten de nodige successen. Talloze eerste prijzen werden er in
de wacht gesleept en menigmaal werd de krant gehaald. Dat was onder meer het geval bij de wandeltocht in Limbricht op 17 maart 1968. De Limburger berichtte dat de door het gemeentebestuur ter beschikking gestelde wisselbeker over aIle afstanden door de WSV De Nomaden met veel gejuich en applaus in ontvangst werd genomen. Die wisselbeker was de beloning voor het voor de derde achtereenvolgende maal behalen van de 1e prijs.
jrg8blz115

Zes leidinggevenden die aan het succes van WSV De Nomaden hun steentje hebben bijgedragen.
Beneden van links naar rechts:
Jeannie Roebroeks, Marie-Jose Pluijmakers en Lisette Roebroeks.
Boven: John Heusschen, Gerry Theng en Jan Hofkamp.

Van de vele successen die her en der behaald werden getuigt tevens het door Jan Hofkamp bijgehouden plakboek. Hierin komen niet alleen de krantenknipsels met de wandeluitslagen voor maar ook vele wetenswaardigheden over de gelopen tochten. Ook Gerry Theng heeft op zolder nog de tastbare bewijzen staan van de behaalde resultaten: enkele dozen vol met bekers in allerlei soorten en maten.

Bij het jureren werd op een aantal aspecten gelet. Werd er in de maat gelopen, waren de rijen recht, vormde de kleding een eenheid en zag
die er netjes gewassen en gestreken uit? Een bijzonder aspect vormde 'het bochten lopen'. Dit was het moeilijkste onderdeel en er werd door de Nomaden ook driftig op getraind. De Nomaden beheersten dit onderdeel perfect. In de woorden van Gerry Theng: "Wij werden door de andere wandelgroepen gevreesd". Verder lette de jury op de stemming in de groep; deze diende opgewekt, vrolijk en blij te zijn. Het zingen door de groep vormde een pluspunt bij dit onderdeel van de jurering. Bij het passeren van een kerkgebouw was het zingen echter verboden! De juryrapporten waren geheim; hoe men het op de verschillende te jureren onderdelen ervan afgebracht had, was giswerk. Niet eerder dan bij het bekend maken van de uitslag wist men of men een behoorlijke prestatie had neergezet.

Die uitslag werd bekend gemaakt nadat aile wandelgroepen die dezelfde afstand hadden afgelegd, het eindpunt gepasseerd waren. De leider van de groep werd dan op het podium geroepen om de behaalde prijs in ontvangst te nemen. Het behaalde puntenaantal werd dan ook bekend gemaakt. Na enige tijd waren de gezichten van de juryleden niet meer onbekend. Zodra een jurylid in het publiek werd ontwaard deed de groep extra haar best om goed voor de dag te komen. Het trucje werkte niet altijd. Soms stelde de jury zich tussen het publiek op of achter een bocht of gebruikten zij de woonkamer van een langs de route liggend huis, zodat zij niet van tevoren gezien konden worden.

Ook buiten de provinciegrenzen werden prijzen weggekaapt. Een vaste wandelplaats was bijvoorbeeld Meerkerk in Zuid-Holland. Dat betekende vertrek om 9.00 uur 's-morgens en 's-avonds om 21.30 uur weer thuis. Ook Asten en Tilburg in Noord-Brabant mochten de Nomaden regelmatig als gasten verwelkomen.

Ais een belangrijke gebeurtenis mag ook gekwalificeerd worden de inschrijving van het twaalfjarige De Nomaden-lid Jean Gilissen (toen wonende Kapelweg 9) als 20.000-ste lid van de Nederlandse Wanndelsport Bond (N.W.B.). Geflankeerd door een trotse Haij Roebroeks werd Jean op 25 augustus 1968 te Maastricht hiervoor gehuldigd. Hij ontving een diploma dat hem verzekerde van het lidmaatschap van de N.W.B. voor het leven en een cadeaubon.

jrg8blz117

De 20 km-groep in 1973 Vaandeldrager: Henny van Heeswijk
Linker rij van voren naar achteren: Geert Hofkamp, Elly van Wissen, Math Last, Hub Last, Annie Bemer,
Louis Wijnen en John Heusschen.
Middelste rij: Paul Hogenboom, Jeanny Roebroeks, onbekend, Lucie Beijers, Pierre Beckers en Jan Hofkamp.
Rechter rij: Leon Roebroeks, Marleen Notermans, Mattie Beijers, Johnny van den Boorn, Simon Hogenboom,
Desirée Philippet en Adam Heusschen.

Margratenwandeltocht
Elke rechtgeaarde wandelaar beschouwde de internationale Margratenwandeltocht als een hoogtepunt: een tocht die je gelopen moest hebben en die niet in je wandelboekje mocht ontbreken! In die tijd genoot deze tocht grote naam en faam. Zonder overdrijving kan deze tocht - qua populariteit - gelijk gesteld worden met De Nacht van Gulpen en zelfs met de Nijmeegse Vierdaagse.
Traditie was dat deze tocht werd gelopen op Hemelvaartsdag; voor het eerst in 1952. De tocht ontwikkelde zich tot een van de grootste dagwandeltochten in Nederland. Voor de eerste Margratentocht meldden zich 250 wandelaars. Op het hoogtepunt - op het einde van de jaren zestig - telde de tocht zo'n 10.000 wandelaars! De organisatie van deze tocht was in handen van de WSV De Globetrotters onder de bezielende leiding van de bekende broeder Modestus van Huize St. Joseph en zijn rechterhand: broeder Wenceslaus.

De tochten deden de Amerikaanse begraafplaats in Margraten aan en de routes liepen daardoor veelal door ons dorp. Hemelvaartsdag was (en is) een algemeen erkende christelijke feestdag en dat betekende een vrije dag voor iedereen. Vele Keerdenaren benutten die dag om al die kleurrijke wandelgroepen en individuele wandelaars aan zich voorbij te zien trekken. Aangezien Hemelvaartsdag tevens de dag was waarop toentertijd in ons dorp kinderen de Eerste H. Communie ontvingen, ontstond er een probleempje. Omdat zovelen betrokken waren bij de tocht, moest de aandacht verdeeld worden tussen de communicantjes en de wandelaars. In overleg met pastoor Berkers werd de dag van de Eerste H. Communie verschoven naar de zondag voorafgaande aan Hemelvaartsdag.

Ais herinnering aan de tocht ontvingen de deelnemers de hooggewaardeerde speciale Margraten-medaille, in brons, verzilverd of verguld al naar gelang er voor de eerste, tweede of derde keer werd deelgenomen. Een geëmailleerde medaille was de beloning voor diegenen die de tocht vijf-, tien- of vijftienmaal uitliepen.

Inmiddels waren de gedachten rijp om ook in Cadier en Keer een eigen wandeltocht te organiseren. Dat kwam broeder Modestus van de Globetrotters ter ore en deze bood de nomaden aan om te participeren in de Margratentocht. De gedachten aan een eigen wandeltocht werden vervolgens in de ijskast gezet. Aanvankelijk werden de organiserende Globetrotters op enkele onderdelen van de organisatie door de Nomaden ondersteund, maar door het verzoek van broeder Modestus werden zij medeorganisatoren. Dat betekende dat die dag zo'n 70 tot 80 Keerdenaren in touw waren om de inschrijvingen te regelen, zorg te dragen voor het natje en droogje voor de wandelaars op de rustplaatsen en het bemensen van de controleposten.

jrg8blz119
Trinette Roebroeks-Frambach anno 2004 met de in 1967 gemaakte 'mascotte' (poppenstandaard) voor de jongste groep.

Het einde
In de jaren 1976 en 1977 kwam de vereniging in een neerwaartse spiraal terecht. Een groot aantal leden wilde niet langer in groepsverband wandelen; zij kozen voor meer individuele vrijheid. Dat paste overigens geheel in het tijdsbeeld van eind jaren zeventig van de vorige eeuw. Vele wandelsportverenigingen hadden met een zelfde beeld te maken. Daarbij kwam dat de leden van het eerste uur ouder waren geworden en andere interesses kregen. Dat op zichzelf natuurlijk verloop, kon onvoldoende gecompenseerd worden door nieuwe leden. Gevolg daarvan was dat er minder homogene groepen samengesteld konden worden waardoor het aantal wandeltochten waaraan werd deelgenomen verder afnam. Dat bracht weer met zich dat er voor de echte liefhebbers te weinig te wandelen viel. Daarbij kwam dat de kosten van het vervoer met de bus naar de wandeltochten te kostbaar werd.

jrg8blz120

Vaandeldrager Johnny Heusschen met groepsleider Jan Hofkamp.
Linker rij van voren naar achteren:
Tonny Bessems, Ineke Gilissen, Jo van Proemeren, Gerry Huntjens, Marjan Spronck,
Guido Spronck, Willy Roebroeks, onbekend, Gerard Lemmerling, Desirée Philippet, onbekend.
Middelste rij:
Marjo Spronck, Marleen Beijers, Jan Essers, Eric Pluijmakers, Elly Beijers, Hanny Beijers,
Jos Schiepers, Paul v.d. Broek, Annet Bessems en Theo Heusschen.
Rechter rij:
Marita Beijers, Roswita Essers, Leon Roebroeks, onbekend, Mieke Honée, Ivo van Laar, onbekend,
Guido Essers, onbekend, onbekend, onbekend, Marie-Jose Pluijmakers.

De doodsteek kwam echter uit een andere, niet verwachte hoek. Het bestuur van de L.W.B, (Limburgse Wandelsport Bond) had de WSV De Nomaden bericht dat zij de volledige organisatie van de Margratentocht zouden overnemen. Een verzoek om een gesprek om te vernemen welke redenen hieraan ten grondslag hadden gelegen, werd door de Bond botweg geweigerd.

Voor het Bestuur van de WSV De Nomaden was dat mede de reden om over te gaan tot opheffing van de vereniging. De financiele aderlating als gevolg van het niet meer mede kunnen organiseren van deze zeer bekende wandeltocht, was zo groot dat niets anders meer restte. Het doek viel officieel op I februari 1978 toen het Bestuur via een brief aan de leden, bekend maakte dat de vereniging had opgehouden te bestaan.

Het batige kassaldo werd geschonken aan de Stichting Sport voor gehandicapten. Zo bleef het geld in de sportwereld en kwam het "ten goede aan diegenen die niet in staat waren om voor de volle 100% sport te bedrijven". De kleding die zich onder het bestuur bevond werd geschonken aan de Missie (pater Spronck en pater Lemmerling). Als souvenir konden de jongens en meisjes die dat wilden, hun wandeltrui en broek of rok behouden. Zo restte hun een tastbare herinnering aan de vele mooie wandeltochten, zowel binnen als buiten het Limburgse land.

Tot slot
De WSV De Nomaden heeft een 12-tal jaren lang binnen onze dorpsgemeenschap gefunctioneerd. In de jaren 1966-1978 vormde zij een van de verenigingen die de jongeren in ons dorp een zinvolle en gezonde vrije tijdsbesteding boden. Velen hebben als bestuurslid of als leider/leidster talloze uren besteed om de jeugd op te vangen of zich op allerlei wijzen ingezet voor het verwerven van inkomsten. Een andere tijdsgeest, met meer behoefte aan individuele ontspanning en het opkomen van andere nieuwe ('modeme') vrijetijdssporten (zoals hockey) en de oprichting van de scoutingclub veroorzaakte de neergang en uiteindelijk het einde van wat ooit een bloeiende vereniging was.

Wat gebleven is, is een herinnering aan veel gezelligheid, saamhorigheid en gezonde ontspanning. Voor vele dorpsgenoten is hun tijd bij de WSV De Nomaden een herinnering die ongetwijfeld nostalgische gevoelens zal blijven oproepen.

Bronnen:
- archief van de WSV De Nomaden
- informatie: Gerry Theng
- interview op 19 november 2003 met Gerry Theng, Jean Heusschen, Jan
Hofkamp.  Math Last en Trinette Roebroeks door leden van de Werkgroep
Interview (Pierre Lemmens, John Heijnens, Margriet Beetstra-Tillie)
- plakboek 'De Nomaden 1966-1973' van Jan Hofkamp.
 
Naschrift schrijver
Oud-Ieden van de WSV De Nomaden zouden gaarne willen weten bij wie zich de vaandels van de 10- en 15 km-groep bevinden. Het dringende verzoek is dan ook aan diegene die een vaandel in bewaring heeft of weet waar zich de vaandels bevinden dit kenbaar te maken aan het bestuur van de Historische Kring.