facebook     twitter2  

 

door Wiel Becker

Eind jaren zestig van de twintigste eeuw bestond Keer uit enkele straten. De Keerdenaren hadden een sterke band met hun dorp. Iedereen kende iedereen, tot het kleinste kind toe. Daarna begon de uitbreiding; nieuwe wijken werden uit de grond gestampt. Veel nieuwe bewoners kwamen uit de stad. Zij kenden het dorpsleven niet en hadden daar nauwelijks enige affiniteit mee. Door de nieuwe ‘grootschaligheid’ verdween een aantal dorpskenmerken. Maar zo nu en dan kwamen in een straat toch weer gemeenschappelijke activiteiten van de grond, zoals met de bronkprocessie. Daardoor stak allengs een nieuw fenomeen de kop op: de buurtverenigingen. Eén van deze buurtverenigingen viert dit jaar (2002) haar zilveren jubileum: Buurtvereniging De Hoof.

 


 

Op de plaats die al zeker tweehonderd jaar bekend staat als De Hoof werd in 1975 een uitbreidingsplan gerealiseerd. Verdeeld over vier straatjes, aan één zijde bebouwd van oost naar west, waren 24 woningwetwoningen gepland. En, omdat er bijna allemaal jonge gezinnen kwamen wonen, werd ook ruimte gereserveerd voor een speelwei. Rond september 1975 zouden de woningen worden opgeleverd. Maar de bouw van de nieuwe ‘wijk’ ging niet van een leien dakje, want toen het project halverwege was, ging aannemer Bogman failliet. De laatste rij woningen is door tussenkomst van de gemeente door een andere aannemer afgebouwd.

Door de bouwperikelen waren er nogal wat mankementen aan de woningen. Het gevolg hiervan was dat de (toekomstige) bewoners regelmatig bijeen kwamen om daarover te praten, ook met de ‘gemeente’. Door die gezamenlijke problemen ontstond een speciale band met elkaar. En al gauw kwamen er plannen om samen ook iets vrolijkers te gaan doen dan alleen maar over gebreken aan de woningen te praten. Daarom werd in de zomer van 1977 een ouderwets weidefeest georganiseerd, waarbij de fanfare een populair concert verzorgde. Vanuit het hele dorp kwamen mensen op het feest af. Dit was de start van de buurtvereniging. Overigens, het konsaer voel zo in de smaak dat het nog vele jaren een vervolg heeft gekregen.

jrg5blz164
jrg5blz164a

Bewoners van De Hoof tijdens de inzegening van het wegkruis in 1987.

Louis Bessems, 2. Wiel Becker, 3. Hub Bessems, 4. Martin Geelen, 5. Daisy Becker, 6. Jeanne Duckers, 7. Lambert Geelen, 8. John Korff, 9. John Duckers, 10. Hennie Tillie, 11. Ben Essers, 12. John Heusschen, 13. Chrit Nijsten, 14. Petra Geelen, 15. Jacky Geelen, 16. N.N., 17. José Tillie, 18. Ton Bruins, 19. Zr. Miriam, 20. Sjaak Tillie, 21. Fieneke Tillie, 22. Ger Beijers, 23. Nicole Tillie, 24. Stafanie Beijers, 25. Marjo Beijers, 26. Yvonne Vaessen, 27. Paul Vaessen, 28. Marrij Vaessen, 29. Gied Beijers, 30. Bertha Lemmens, 31. Anika Bessems, 32. Tinie Beijers, 33. Mano Bessems, 34. pastoor Jan van Frankenhuijsen, 35. Hub Lemmens

De Hoof was een ‘jonge’ buurt met veel kleine kinderen. Daarom werd in 1978, met toestemming van de gemeente van de speelwei een speeltuin gemaakt. Een aantal speeltoestellen werd ‘georganiseerd’ en opgeknapt of zelf gemaakt en geplaatst. Ook werd een jaar later het eerste gezamenlijk sinterklaasfeest gehouden. Eigenlijk bedoeld voor de kinderen, bleek al gauw dat Sint ‘Ben’ niet alleen de kinderen, maar ook de ouders ‘ter verantwoording’ riep.

Bij de volwassen buurtbewoners bleek steeds meer behoefte aan gezamenlijke activiteiten. Daarom legden ze in 1980 twee jeu de boules-banen aan. Om de twee banen van elkaar te scheiden was ook hout nodig. Nu wilde het toeval dat onder in de Keunestraat de PLEM een aantal palen uit de grond had gehaald. Die palen lagen er al een tijd en men zag er geen kwaad in deze met een aantal sterke mannen op te halen en te verzagen. De PLEM bleek achteraf helemaal niet gecharmeerd te zijn van dat plan. Door alsnog te betalen werd aangifte van diefstal voorkomen. Een jaar later werden de banen voorzien van elektrische verlichting, zodat de meest fanatiekelingen ’s avonds nog langer konden doorspelen.

Ook wordt sinds die tijd in de wintermaanden een dropping georganiseerd, waar niet alleen de volwassenen maar ook de oudere jeugd veel plezier aan beleven.

De Hoof kende ook haar muzikale hoogtepunten.Toen Albert Hermans in 1983 door de Klenderaire als eerste prins uit De Hoof werd uitgeroepen, opperden enkele bewoners het idee om eenmalig een zaat hermenieke bij elkaar te trommelen om hun Prins Albert I gedurende de carnavalsperiode muzikaal te begeleiden. Die carnavalsactiviteiten bevielen zo goed dat werd besloten om het niet bij dat enen jaar te laten. Uiteindelijk resulteerde dit in vijftien jaat zate hermenie St. Hoofius.

In 1981 werd bij de notaris een akte opgemaakt, waardoor de buurtvereniging rechtspersoon werd. Dit was nodig om de aansprakelijkheid in verband met de speeltuin en de andere activiteiten op een verantwoorde manier geregeld te hebben.

De Hoof kende ook haar muzikale hoogtepunten. Toen Albert Hermans in 1983 door de Klenderaire als eerste prins uit De Hoof werd uitgeroepen, opperden enkele bewoners het idee om eenmalig een zaat hermenieke bij elkaar te trommelen om hun Prins Albert I gedurende de carnavalsperiode muzikaal te begeleiden. Die carnavalsactiviteiten bevielen zo goed dat werd besloten om het niet bij dat ene jaar te laten. Uiteindelijk resulteerde dit in vijftien jaar zaate hermenie St. Hoofius.

In de jaren tachtig moesten de volkstuintjes die aan de oostkant van de verbindingsstraat lagen het veld ruimen, omdat De Hoof werd uitgebreid met een aantal zelfbouwers.

Een ander hoogtepunt voor De Hoof was de komst van de eerste bronkprocessie, veertien jaar had men hierop moeten wachten. De bewoners maakten zelf hun processiepaaltjes en de zusters van Blankenberg zorgden voor de vlaggetjes. Bronkzondagmorgen om 6.00 uur werd door jeugdige fanfareleden uit De Hoof reveille geblazen, waarna begonnen werd met het aanbrengen van de versieringen. Sindsdien komt de processie elke vijf jaar. Omdat de processie en rondje om de speeltuin moest maken om te keren, werd in 1995 en 2000 een rustaltaar geplaatst.

jrg5blz166

Het wegkruis op de hoek De Hoof-Papendel.

De bewoners werden specialisten in het maken van erebogen en versieringen. Als iets te vieren was, kwam men in actie. Niet alleen bij geboorten en bij 25- en 40-jarige bruiloften werden huizen versierd, maar ook voor vier carnavalsprinsen van de Klenderaire, enkele Pingelaere- en caféprinsen die de buurt in de afgelopen 25 jaar aan het dorp leverde. Toen een bewoner na negen maanden terugkwam uit de West werd een niet te tillen boot in De Hoof geplaatst.

In 1987 werd het 10-jarig bestaansfeest gevierd. Na de H. Mis zegende pastoor Jan van Frankenhuijsen op de hoek De Hoof en Papendel een nieuw geplaatst wegkruis in. Daarna vond op de speelweide een gezamenlijke koffietafel plaats.
Ook het 15-jarig bestaansfeest was groot opgezet met een feesttent, een dansavond en een optreden van de Kachelpiepers.
Het 20-jarig bestaansfeest werd gevierd in de Auwen Toëwn met een fototentoonstelling, dia’s en een film over de buurt gedurende deze 20 jaar.

Wat de jaarlijkse activiteiten betreft. Na 25 jaar is de moeilijkheidsgraad van de dropping aangepast aan de ‘ouderen’ en is het zaat hermenieke door gebrek aan jeugdige muzikanten opgeheven. Maar het jeu de boules vindt nog steeds plaats en jaarlijks wordt er een voorjaarswandeling en in de nazomer een barbecue gehouden. Ook is het nog traditie dat op paaszondag de jeugd samen met een heuse paashaas op de speelweide eieren raapt, terwijl de ouderen van de koffie, de vlaai en natuurlijk paaseieren genieten.

Ondanks dat de bewoners 25 jaar ouder zijn geworden, is de buurtvereniging nog springlevend.

Met dank aan: Jeanne Duckers-Brouwers en Maria Geelen-Janssen.